Een proef met dertig fictieve intakevragen
Een voorbeeldteam kiest dertig intakevragen om de aanpak te illustreren: twintig gewone vragen, vijf onvolledige en vijf buiten scope. De proef moet concepten voorbereiden, geen antwoorden versturen. De reviewer registreert per vraag of de bron klopt, welke correctie nodig is en hoeveel tijd de volledige taak kost. Dit aantal is een oefenset, geen universele norm voor voldoende bewijs.
Als de gewone vragen tijd besparen maar onvolledige vragen vaak een verkeerde aanname opleveren, is de conclusie niet automatisch “AI werkt”. Het team kan besluiten ontbrekende velden eerder uit te vragen en de pilot opnieuw af te bakenen. De buiten-scopevragen moeten herkenbaar naar een medewerker gaan. Zo wordt de proef een besluit over een concrete werkwijze.